Apocalyps nu, alstublieft!

door Prachtige Pjotr

De wereld leek weer even in gevaar te zijn. Voor de tweede keer in zijn lange, vrome leven heeft de 89-jarige protestantse radiopresentator Harold Camping (Family Radio) het einde van de wereld voorspeld. Exact 7000 jaar na de Zondvloed en de Ark van Noach zal ongeveer 2% van de wereldbevolking gered worden, terwijl de rest niet meer te redden valt. Dat is pech hebben, want die krijgen vuurballen, aardbevingen, overstromingen en ander apocalyptisch onheil te verwerken. Hollywood op zijn best.

De adonis die het einde van de wereld voorspelt.

Blijkbaar zijn er veel mensen die geloven in deze eindtijd, als ik even de fotospecial van De Standaard mag geloven. Ik kan me inbeelden hoe sommige families angstig samen zitten voor hun laatste avondmaal, bang afwachtend of ze naar de hemel mogen gaan of net worden onderworpen aan het gruwelijke noodlot. De tijd moet dan verschrikkelijk traag gaan, waarvan elke seconde een speciale betekenis heeft. Dat moet enorm intrigerend zijn om te ervaren. Talloze films hebben dit in scène gezet. Alles in slow motion met dramatische muziek op de achtergrond, speciaal opgezet door de attente huisvader om het belang van deze laatste momenten te benadrukken. Rollende tranen die als een tsunami emoties losweekt en een gezinswereld overspoelt met drama. Angstig gehuil en knikkende knieën, bruisende champagne en het afscheid van de trouwe familiehond. Coca-cola van een goed jaar en ovenverse apple pie. Een Amerikaanse droom met een tragisch verloop op enkele uren tijd, ondersteund door een indrukwekkende achtergrondmuziek. Is het de melancholische Bach? Een levendige Vivaldi? Of toch een robuuste Wagner wanneer het doek valt?

De eerste keer dat de heer Camping een Apocalyps voorspelde was in september 1994, maar omdat de Apocalyps soms wel eens de neiging heeft om Afrikaanse pünktlichkeit te vertonen probeerde hij dan maar een tweede gok te plaatsen op 21 mei 2011. Vandaag dus. Of heeft hij weer eens een “grote wiskundige misrekening” gedaan? ‘Het is onmogelijk (…) dat het niet gebeurt’ verzekerde hij Associated Press nochtans. Gods wegen zijn ondoorgrondelijk. Het gaat gebeuren wanneer de klok 18.00 heeft geslagen. Het is 19:27 nu ik dit epistelletje begin te schrijven. Wellicht bedoelen ze 18.00 in de VS, dus dat wordt nog even wachten.

Stiekem wil ik wel een Apocalyps, moet ik toegeven. Ik ben een apocalyptofiel.

Waarom? Ik neem even een citaat over van Ryuji Tzukazaki, een belangrijk personage uit Een zeeman door de zee verstoten van de Japanse schrijver Yukio Mishima:

‘Voor mij moet er een bijzondere bestemming zijn weggelegd; schitterend, alleen voor mij bestemd en aan geen gewoon mens toegestaan’.

Ik zie graag apocalyptische films, waarin het hoofdpersonage heldhaftige toeren uithaalt om te blijven overleven. Waar hij voordien een anonieme kantoorklerk was, is hij nu de heroïsche aanvoerder van een kleine gemeenschap overlevenden die een nieuw leven tracht op te bouwen. Het klinkt gek om dit als een pastorale idylle af te schilderen, zo’n post-apocalyptische dorpsgemeenschap. Teveel romantiek kan een mens wel eens doen duizelen. Het gaat me ook niet om een sentimentalistisch verlangen naar dat soort leven in eenvoud, het gaat om een heel ander soort verlangen. Heldendom kent immers vele verschillende gezichten.

Moge het zo zijn! Moge het zo zijn!

Volgens mij is dat verlangen gegrond in een specifieke vorm van cultuurkritiek. Niet iedereen deelt dit en veel mensen zijn compleet tevreden met wat de huidige wereld hen te bieden heeft. Anderen niet. Deze specifieke mensen hebben het gevoel dat ze zichzelf niet kunnen verwerkelijken in de moderne prestatie- en consumptiemaatschappij waar alles draait om schone schijn en materieel exces. Er zijn zelfs sommigen die voelen dat ze tot een heel andere generatie horen dan hun tijdsgenoten. Door de nadruk op oppervlakkige en onbelangrijke zaken verliezen we het contact met de natuur. Daardoor wordt de leefomgeving als beklemmend ervaren. Men wil eruit losbreken en zoekt naar ruimte, diepte en hoogte om en boven zich. Alleen zo kan men de vrije en diepe krachten van de eigen ziel ontwaken.

Een crisisbesef als deze is doorgaans ingebed in een spanningsveld tussen vertrouwde zekerheden en een veranderende omgeving. De zekerheden verliezen grond, waarbij gevreesd wordt voor een periode van rusteloosheid en verval. Een zoektocht naar zekerheid, zuiverheid en geborgenheid lijkt dan onvermijdelijk, wat hen volgens de historicus Arnold Labrie net een typische moderne mens maakt: de ervaring van verandering bepaalde immers een cultuur die een scherpe belangstelling had voor zuiverheid[1]. Maar ook buiten dat spanningsveld is er een diep verlangen naar absolute ervaringen.

De apocalyptofilie behoort tot deze zoektocht: de wens om een ‘nieuwe geboorte’ of een ‘nieuwe kans’ te ervaren, verpersoonlijkt door de apocalyptische cultuurheld, is niet vreemd aan cultuurcritici die droom en daad dichter bij elkaar willen brengen.

Herakles herboren: de cultuurheld voor de apocalyptofiel. Waarom? De apocalyptische aanvoerder heeft nood aan mannen als hem!

Maar als het zover is, even deze woorden van Robert Heinlein in gedachte houden, mocht je de apocalyptische cultuurheld willen uithangen:

A human being should be able to change a diaper, plan an invasion, butcher a hog, con a ship, design a building, write a sonnet, balance accounts, build a wall, set a bone, comfort the dying, take orders, give orders, cooperate, act alone, solve equations, analyze a new problem, pitch manure, program a computer, cook a tasty meal, fight efficiently, die gallantly. Specialization is for insects.

Ge moet er wat voor over hebben!

P.


[1] LABRIE, Arnold, ‘Romantische politiek. Moderniteit en het ideaal van de zuivere gemeenschap’, in De Zieke Natie, 68.

Advertenties