Marcus Aurelius & de Stoa

door Prachtige Pjotr

Keizer Marcus Aurelius nam als jongen van twaalf jaar de leer van de stoïsche filosofie in zich op en bleef ze zijn hele leven trouw; hij bracht ze in praktijk, niet alleen in zijn persoonlijk leven, maar ook als staatsman. De stoïcijnse deugden van moed, onwrikbaarheid en plichtsgetrouwheid verenigen zich in hem en  maken hem tot een werkelijk groot vorst. De geschiedenis kent nauwelijks een tweede voorbeeld van een zo grote macht, uitgeoefend met zoveel zelfbeheersing en zelfverloochening.

‘Azië, Europa – hoekjes van de wereld; de hele oceaan – een druppel in het heelal! De Athos – een onbetekenende aardkluit van de wereld; de tegenwoordige tijd – een moment van de eeuwigheid!’.

Een heerser die dit zeggen kon stond zo hoog en zag zo ver, dat het hem behoedde voor enghartigheid en eenzijdigheid en hem in staat stelde weerstand te bieden aan de verleiding van heerszucht en keizerswaan, aan willekeur, verkwisting en decadentie; hij kon een verantwoording dragen waartegen maar weinigen van zijn voorgangers en opvolgers waren opgewassen. Hij verachtte praal en luxe en bracht, gekleed in een eenvoudige soldatenmantel, een groot deel van zijn leven door in de legerplaatsen van zijn legioenen, plichtsgetrouw de belangen van het rijk behartigend.

Uit: STÖRIG, Hans Joachim, Geschiedenis van de filosofie, Antwerpen: Het Spectrum, 2011, 205.

Advertenties