Ernst Jünger: de versterving van de gedachte

door Prachtige Pjotr

Noot: wat Ernst Jünger hieronder beschrijft komt me heel herkenbaar voor. Het is een uitdaging om de meest originele schepsels van je brein naar buiten te brengen in hun oorspronkelijke staat. Vaak gaat er ontzettend veel verloren zodat er helemaal niets overblijft. Het gaat niet om een zuiveringsproces, maar wel een uiterst vijandige omgeving waar deze gedachten zich doorheen worstelen om tot uiting te worden gebracht. Het slachtofferaantal ligt angstwekkend hoog. Net zoals een levendige droom vervaagt naarmate de seconden vorderen, is een gedachte even snel verdwenen als zij is opgekomen. Het is Snapchat avant la lettre. Zou er geen mogelijkheid bestaan om je brein te koppelen aan een soort digitale copywriter, die als een seismograaf bij de minste trilling je denkpatronen neerschrijft? Dat zou de stream of conciousness “as mad as a hatter” maken.

P.

“Somtijds voelde hij diepe verbittering door zich heen branden wanneer anderen hem achteloos voorbijliepen. Dan ervoer hij zijn ziel als een donker land ver van de mensen, rijk aan goud en andere zeldzame zaken, en omgeven door een gordel van zielloos oerwoud. Ondernam hij evenwel een poging zich door het kreupelhout te wurmen, dan ontglipten zijn schatten hem onderweg en bracht hij slechts gelach of een kleurloos niets aan het licht.”

Jünger, Ernst, Luitenant Sturm, Amsterdam: De Arbeiderspers, 2009, 67-68.

Advertenties