Kierkegaard: “waarheen vlieden?”

door Prachtige Pjotr

De heide moet bij uitstek geschikt zijn krachtige geesten tot ontplooiing te brengen; alles ligt daar naakt en open en bloot voor God en er is daar geen plaats voor veel verstrooiing, geen plaats voor de vele hoeken en gaten waarin het bewustzijn zich kan verbergen en waar het voor de ernst vaak zo moeilijk is de verstrooide gedachten terug te vinden. Hier moet het bewustzijn zich helder en precies om zichzelf omsluiten. Op de heide moet de waarheid gezegd worden: “Waarheen zou ik gaan voor uw Geest, waarheen vlieden voor uw aangezicht!”.

Kierkegaard, Søren, Dagboeken, Amsterdam: De Arbeiderspers, s.d., 79.

Advertenties