Koi seyo otome

door Prachtige Pjotr

Ik sta op, ga naar het toilet en bekijk mezelf in de spiegel terwijl ik mijn handen begraaf in het koele water van de kraan. Die prille groeven graven zich diep rond mijn ogen in, die eigenaardige kentering van mijn mond is al aan het verzakken en dat mijn haarlijnen straks ver zullen terugdeinzen staat in de sterren geschreven. Het is boeiend te zien hoe een jong gezicht een lange schemerperiode ondergaat voor je ze werkelijk oud kan noemen. Die langzame tocht naar de verzakking en verdorring is niet tegen te houden, het maakt niet uit hoeveel botoxinjecties je achter de rug hebt of dag- en nachtcrèmes gebruikt. Sommige mensen zijn echter op hun mooist als ze hoogbejaard zijn, wanneer ze de meest markante gezichten hebben, haast een historisch, monumentaal landschap met talloze kenmerken die enkel de ingewijde vrienden kunnen verklaren. Ik ben trouwens best goed in het tegenkomen van oudere dubbelgangers van vrienden, wat me een goed beeld geeft hoe zij er zullen uitzien op oudere leeftijd. Dan lijkt het of ik een blik in de toekomst heb kunnen werpen.

Het verouderen besef je pas wanneer je heel bewust in de spiegel kijkt, niet zoals je dat doet om je tanden te poetsen of je haar goed te leggen, maar jezelf als onderwerp van een hartstochtelijke inspectie. Dan treedt een hapering op in dat vertrouwde, wat alledaagse zelfbeeld: je staat daar met het plotse besef dat je een jaar ouder bent geworden, dat het kinderachtige is verdwenen of de jeugd zelf dreigt te verdwijnen bij het verschijnen van de eerste rimpel, het eerste grijze haartje of een cynische grijns die je eerder niet had. In The Portrait of an Artist as a Young Man gebruikt James Joyce het begrip arrestation daarvoor erg treffend: onderbroken worden; een stille mijmering of net luidop getroffen worden door een allesonthullende gedachte. Als we dat kunnen proppen tussen geboorteschreeuw en doodsreutel hebben we er dan toch iets van dat leven kunnen vatten. Koi seyo otome.

P.

Advertenties