De brandschatting van Yuan Ming Yuan

door Prachtige Pjotr

In augustus 1860 tijdens de Tweede Opiumoorlog landden 18.000 Britse en Franse strijdkrachten in de baai van Pechili, op een boogscheut van Peking gelegen. Gesteund door een leger van Chinese hulptroepen weten zij snel op te rukken naar de Chinese hoofdstad om de Qing-dynastie tot onderhandelingen te dwingen. Hoewel de veldtocht militair gezien al snel succesvol wordt beëindigd zinken de afgevaardigden van de geallieerden snel weg in het moeras van de Chinese diplomatie met haar raadselachtige etiquette en een keizer die wegvlucht met zijn eunuchen naar een schuilplek voorbij de Chinese Muur. Begin oktober van dat jaar stuiten de geallieerde troepen net buiten Peking op de verbijsterende Yuan Ming Yuan-tuin, verfraaid met talloze paleizen en paviljoens.

“Herten met fabelachtige geweien liepen er tussen bosschages en licht kreupelhout te grazen op de hellingen van kunstmatige bergen, en al die onbegrijpelijke pracht van de natuur en de door mensenhand daarin aangebrachte wonderen werden weerspiegeld in de donkere waterpartijen die door geen zuchtje wind werden bewogen. De verschrikkelijke vernietiging die gedurende de volgende dagen in het legendarische tuinlandschap werd aangericht en die spotte met alle militaire discipline en hoe dan ook met elke reden, is slechts gedeeltelijk te verklaren als een gevolg van de woede over de steeds maar uitgestelde beslissing.

De ware reden voor de brandschatting van Yuan Ming Yuan lag vermoedelijk in de ongehoorde provocatie die deze paradijselijke wereld, gecreëerd uit de aardse werkelijkheid en alle ideeën over het Chinese gebrek aan beschaving logenstraffend, betekende voor de soldaten, die zelf oneindig ver van huis waren geraakt en uitsluitend gewend waren aan dwang, ontbering en onderdrukking van hun verlangens.”

Uit: W.G. Sebald, De ringen van Saturnus

Advertenties