Patricia, of Delicia

door Prachtige Pjotr

 

Chris de Burgh neemt ons mee naar 1924 en zingt over een plekje bij de kaaien waar de jonge Patricia werkt, ook genaamd Delicia. Ze is immers niet alleen een zangeres met een zoetgevooisde stem maar ook een stripster waarvoor talloze mannen aanschuiven om binnen te geraken. Patricia, of Delicia, is een Bijbelse schoonheid die recht uit het Hooglied van Salomon komt, met volle borsten als twee welpen – weidend tussen de lelies, een hals als de ivoren toren van David – gebouwd om er trofeeën aan te hangen, haar ogen als duiven en – ik heb dit ook niet verzonnen – tanden als een kudde schapen die pasgeschoren uit de wasplaats komen. Patricia, of Delicia, is echter geen verzegelde bron of een gesloten hof, maar een platgetreden lusthof vol bloeiende granaatbloesems, hennabloemen, kalmoes, nardusplanten, allerlei wierookbomen, mirre en aloë,  kortom de fijnste geurige kruiden waarmee je volgens Plinius de Oudere de vermaarde Cyprusolie uit het Oude Egypte kan brouwen. Patricia, of Delicia, is de fatale verleiding zoals Mût-em-enet die Jozef wil verleiden, een mateloze eruptie van het vrouwelijke geslacht die menig man van zijn zinnen beroofd, dronken maakt van liefde en als een leger in slagorde ontzag wekt. Het laatste kledingstuk valt op de grond en de politie bonkt op de deuren. Patricia, of Delicia, wordt  nu gearresteerd en voor de rechter gesleept vanwege haar onzedelijke gedrag. Gelukkig is de rechter meelevend en schenkt haar de vrijheid, want ze was tenslotte in haar werkkledij gehuld. … and with a swing of her hips she starts to strip.

P.

Advertenties