TEMPESTATIBVS MATVRESCO!

Stormend dansen rond een cirkel van vuur

Tag: verlangen

“Dit is onze werkelijke toestand”

“(…) deze toestand, die het midden houdt tussen twee uitersten, is in al onze vermogens aanwezig. Onze zintuigen nemen geen enkel uiterste waar. Te veel geluid verdooft ons en te veel licht verblindt. Als iets te ver of te dichtbij is kunnen we het niet zien. Als een betoog te uitvoerig of te beknopt is wordt het moeilijk te begrijpen. Te veel waarheid verbijstert ons. Ik ken mensen die niet kunnen begrijpen dat nul min vier nul blijft. De eerste beginselen zijn te vanzelfsprekend voor ons. Te veel genot wordt vervelend. Te veel harmonie in muziek is niet aangenaam. Te veel attenties irriteren; wij willen nog iets meer kunnen doen dan onze schuld inlossen: Beneficia eo usque laeta sunt dum videntur exsolvi posse. Ubi multum antevenere pro gratio odium redditur*. De hoogste graad van warmte en van koude kunnen we geen van beide voelen. Extreme eigenschappen stoten ons af en zijn niet waarneembaar; we voelen ze niet meer, we ondergaan ze. Een te jeugdige of te hoge leeftijd vormt een belemmering om te kunnen denken, en te veel of te weinig onderricht ook”.

Blaise Pascal, Pensées, °199

… en toch hunkeren we naar extremen, alsof een onderliggend metafysisch verlangen ons voortstuwt met dezelfde begeerte die Odysseus deed verzuchten naar de Sirenenzang en Ikaros naar de zon deed stijgen.

P.

* “Weldaden zijn aangenaam zolang we het idee hebben dat we ze kunnen vergelden; gaan ze verder dan dat, dan vergelden we ze met haat in plaats van dankbaarheid” (Tacitus, Annalen, IV, 18)

“2 x 2 = 4 is het begin van de dood”

Dostojevski

Nooit dat gevoel gehad dat als je dat lang verlangde doel bereikt, je met een leeg gevoel in het leven komt te staan? Dat je je afvraagt wat je nu moet doen, en eigenlijk wenst dat je terug in die staat van verlangen bent? Dat het leven op dat moment te perfect is en je liever een gevoel van verbetering ervaart dan een van voldaanheid? Want het voldane lijkt je doods, statisch, afgeborsteld en om eerlijk te zijn overheerst op dat moment een gevoel van inertie en vervreemding. Verlang je dan niet, als ware het vanuit een natuurlijk instinct, terug naar het rusteloze zoeken? Dostojevski heeft bij de aanvang van zijn schrijverschap een opmerkelijk boek geschreven, waar hij qua gewaagdheid niet hoeft onder te doen voor een vurige Nietzsche in het hoogtepunt van zijn filosofische carrière. En hij spreekt in dat vermaarde boek ook van dat bereikte doel, dat “alleraardigst dingetje” dat zoveel angst inboezemt.

“En wie weet (maar en kan er niet voor instaan), misschien bestaat het hele doel, waarnaar het mensdom hier op aarde streeft, in het onafgebroken proces van het streven, anders gezegd – in het leven zelf, maar niet in een bepaald doel, dat natuurlijk niet anders kan zijn dan 2 x 2 = 4; dat is: een formule, maar 2 x 2 = 4 is niet het leven, maar het begin van de dood.

De mens is tenminste altijd bang geweest voor dit 2 x 2 = 4, en ik ben er nu ook bang voor. Laten we aannemen, dat de mens niet anders doet, dan dat 2 x 2 = 4 opzoeken, dat hij oceanen overzwemt, zijn leven opoffert om het te vinden, maar dat hij het werkelijk zal vinden; mijn God, daarvoor is hij bang. Want hij voelt, dat, als hij het gevonden heeft er dan niets meer te zoeken is.

Als arbeiders hun werk geëindigd hebben, krijgen ze tenminste geld, ze gaan naar de kroeg, ze worden opgebracht; nu, daarmee is dan hun week gevoeld. Maar waar moet de mens heengaan? Elke keer, als hij zulk een doel bereikt heeft, kan men opmerken, dat hij zich niet op zijn gemak voelt. Van streven houdt hij, maar van het bereiken in ’t geheel niet, en dat is ten slotte hoogst belachelijk.

In één woord, de mens is komisch geschapen; in dat alles schuilt blijkbaar een grap. 2 x 2 = 4, dat is het allerondraaglijkste, 2 x 2 = 4 is, naar mijn mening, alleen maar een onbeschaamdheid; 2 x 2 = 4 kijkt als een fat, staat dwars op uw weg met de handen in de zij en spuwt. Ik ben er het mee eens, dat 2 x 2 = 4 een voortreffelijk ding is, maar als men toch eenmaal aan het prijzen is, dan vind ik  2 x 2 = 5 soms ook een alleraardigst dingetje.”

DOSTOJEVSKI, Fjodor, Memoires uit het souterrain, J. Meulenhoff, Amsterdam, 1961, 44-45.

25 december: de triomf van het Eeuwige Licht

Mithras, God of the Morning, our trumpets waken the Wall!
‘Rome is above the Nations, but Thou art over all!’
Now as the names are answered and the guards are marched away,
Mithras, also a soldier, give us strength for the day!

Mithras, God of the Noontide, the heather swims in the heat.
Our helmets scorch our foreheads, our sandals burn our feet.
Now in the ungirt hour–now ere we blink and drowse,
Mithras, also a soldier, keep us true to our vows!

Mithras, God of the Sunset, low on the Western main–
Thou descending immortal, immortal to rise again!
Now when the watch is ended, now when the wine is drawn,
Mithras, also a soldier, keep us pure till the dawn!

Mithras, God of the Midnight, here where the great bull dies,
Look on thy children in darkness. Oh take our sacrifice!
Many roads thou hast fashioned–all of them lead to the Light:
Mithras, also a soldier, teach us to die aright!

(Rudyard Kipling, “A song to Mithras”)

25 december. Het is nog altijd een twistpunt tussen de kenners, maar er is een onlosmakelijk verband tussen Kerstmis en de Mithrasmysterieën die zeer populair waren in de eeuwen na de geboorte van Christus.  Wie heeft wie beïnvloed? Mithras’ moeder was een maagd, had twaalf discipelen en werd de zoon van God genoemd. Sommige historici beweren dat het net het christendom was dat het Mithraisme heeft beïnvloed. En anderen beweren dat het omgekeerd was. Historicus David Ulansey voegt een interessante dimensie toe aan het debat:

“[David] Ulansey sees study of Mithraism as important for understanding “the cultural matrix out of which the Christian religion came to birth”. Moreover, on the basis of his astronomical interpretation of Mithraism, Ulansey argues for a “profound kinship between Mithraism and Christianity”, in that Mithras, like Jesus Christ, was considered to be “a being from beyond the universe”. Ulansey suggests that these two figures, Mithras and Jesus, “are to some extent both manifestations of a single deep longing in the human spirit”.”

Mijn gedacht!

P.

SOL INVICTVS

De laatste momenten van een verstoten zeeman

Schilderij van Hayato Jome (Japan)

Schilderij van Hayato Jome (Noboru and the Chief) (Japan)

“De roep van het Grote Doel, een andere naam voor de tropische zon; en de dappere tranen van de vrouwen, en het donkere verlangen, en de zoete macht die hem naar het toppunt van mannelijkheid dreef – dit alles was nu voorbij, afgedaan.

‘Wilt u thee?’ klonk de hoge, donkere stem van de leider achter hem.

‘Graag …’. Ryuji peinsde door, zonder zelfs zijn hoofd om te draaien. Hij herinnerde zich de eilanden waar hij geweest was. Makatea in de Stille Zuidzee en Nieuw-Caledonië. De Antillen: een poel van loomheid en droefgeestigheid, wemelend van roofvogels en papegaaien en, overal waar je maar keek, palmen. Keizerpalmen. Wijnpalmen. Oprijzend uit de pracht van de zee was de dood op hem neergestreken als een donkere donderwolk. Een visioen van de dood, nu voor eeuwig buiten zijn bereik, een majesteitelijke, roemrijke, heroïsche dood, vervulde zijn brein met vervoering. En als de wereld juist gemaakt zou zijn voor deze stralende dood, waarom zou de wereld er dan ook niet aan ten onder gaan?

Golven, zo lauw als bloed, binnen een atol. De tropische zon die door de lucht schalde als de roep van een koperen bazuin. De veelkleurige zee. Haaien …

Nog iets verder, en Ryuji zou er spijt van hebben gehad.

‘Hier is uw thee.’ Noboru bood hem van achteren een donkerbruin plastic bekertje aan, ter hoogte van zijn wang. Afwezig nam Ryuji het aan. Hij zag dat Noboru’s hand licht beefde, zeker van de kou.

Nog steeds verzonken in zijn droom dronk hij de lauwe thee op. Die had een bittere smaak. Roem, zoals iedereen weet, heeft een bittere smaak.”

MISHIMA, Yukio, Een zeeman door de zee verstoten, Meulenhoff, Amsterdam, 2007, 152.

Charles Manson spreekt …

“Everyone wants to be the man, but nobody wants the man to be the man”

– Charles Manson

De als geniale gek verklaarde man vat een van de paradoxen van de menselijke aard in een citaat samen. Iedereen wil een unieke sneeuwvlok zijn, maar, zoals Tyler Durden uit Fight Club zei, niemand is het. Je bent gewoon gebouwd uit dezelfde organische materie, net als iedereen. Iets willen zijn verraadt een verlangen. Verlangen, zei de Boeddha, is samen met onwetendheid de bron van het lijden. Het komt erop aan iets te zijn, zonder voorbehoud of verlangen. Uit een aangeboren drang tot radicalisme. Want wie werkelijk boven de massa uitstijgt, begeeft zich in de Marge. De schemerzone tussen wat binnen de verwachtingspatronen ligt en het Immense. Een schemerzone, want vatbaar voor fata morgana’s. Wie naar macht verlangt, is een slaaf van de macht. Een machtswellusteling is machteloos. Hetzelfde gaat op voor zij die the man willen zijn. Het bombastische en theatrale gedrag verbergt maar al te vaak het gebrek aan dadenroem.

P.